Dinsdag 19 november 1918

Schoon zoel weder, de winter is uit.

Mama, Martha en Livina waren naar Merxplas nu zijn de twee laatste aangekomen.

Zondag 17 November begon om 6 uren de bestorming te Merxplas van den bonten Os. Alles is er kapot geslagen, piano, belfort, niets gespaard, de eigenaars waren op tijd gevlucht. Nog eenige andere kregen hun belooning. Van eene moeder en dochter heeft men de haren afgesneden. Twee konden nog in de broek vluchten.

In mijne boerderij (Backx) liggen 30 karren munitie en alle soorten bommen, waar er de soldaten eene partij hebben afgeschoten op mijn akker, er zijn vele ruiten gebroken, alles ligt in den slagmolen, een gevaarlijk goedje voor de geburen.

Toen onze familie door Rijkevorsel ging hield men daar een optocht, en begon men ruiten uit te werpen er moesten er nog meer aan. Zoo dat overal de straf volgt voor landverraders.

Maandag 18 november 1918

Eerste sneeuw.

Weinig oorlogs nieuws.

Joelstra, social, schijnt zich terug te trekken uit de revolutionaire beweging in Holland. Men dreigt met werkstaking, maar toch zullen er weer vele toezeggingen gebeuren, tot verbetering van de werkmanstand.

Onze uitgeweekene vlugtelingen schijnen maar moeilijk verblijf te vinden in Holland. De eyeren zijn nu op 40 centen gebracht, echte woekerprijzen, die koopers loopen met een pak naar Antwerpen en daar waren ze tot 1,50 f tot 2,00 f het stuk.

Wat zal er gebeuren met boter van 11,50 f per k., en de aardappelen 25 f% kil., die prijzen moesten de helft verminderen, maar er zijn nu geene bevelen hoe het moet gebeuren. De Duitschers kregen uit Meerle (JVD Heuvel) boter, de botercentrale bekwam er al lang geene, en nu zijn de Duitschers opgetrokken en bleven 12 000 f schuld, nu vraagt JVDH mij raad, ook een [?] die een prijs moest krijgen, zoo zijn de eyer op koopen ook. Jo Havermans en Henri Vlaminckx, de laatste zoude eyeren verkoopen als den dienaar van de Lt. zijn gerief hadt, aan ons gebeurd. Het vleesch is nog 10 fr maar zal verminderen. Het vee is ook vermindert, er is nu al te veel, het zal nog verminderen.

Zondag 17 november 1918

Dees vroolijke dag, dees gouden dag, is ten laatsten eens op gegaan. Wij hooren de zilveren vrede trompet, de vrede uitblazen. Wij beleven het geen wij naauwelijks gelooven namentlijk het gewenschte einde des eeuwigen oorlogs, die de gansche wereld kloot, met zich omtrok, en in een gedurge bloedkoorts en onrust hield.

Vondel in 1647.

In Holland leven ze ook in onrust, de socialen willen ook een soldaten en boeren raad, en beloeren een republiek te stichten. De socialen zijn er nog al sterk, maar zijn wat verdeeld in christelijke socialen en Roomsche democraten. Men gelooft van niet lukken. Het Congres moet te Rotterdam gehouden worden. In de redevoeringen te Amsterdam gehouden zegde men onder andere:

Het kostelijke dierensoort zijn in Europa uitgezaaid (Keizers). Het militarismus is dood, en hier komen ook veranderingen. Men wil de Koningin weg, en het algemeen stemrecht ook voor vrouwen, acht uren werken, ook de werkeloosen betalen, in alle man pensioen, maar wie zal het al betalen zegt het liedeke. De boer.

In Meerle is het de laatste nacht kalm gebleven, de laatste, Sus Van Gils, is ook gaan loopen.

Vandaag was het Te Deum, en na de mis speelde en zong men het Vlaamsch volkslied. Er zijn geruchten in omloop dat de laatste dagen nog gevallen is Jozef Adriaansen (doorstreept: Gijsbrechts), Zoon van Cees, ook Pere Aerts zoon van Jan Aerts is na gekwetst te zijn in het hospitaal overleden, RIP.  – is al [patroeleurs?] alleen in eene hoeve dood gebleven. –

De vlaggen hangen al acht dagen uit. Er komt van alle streken volk over, bijna gelijk eene kermis, er ook er gaan vele Meerlenaren hunne familien op zoeken. In Hoogstraten verbroederde de Duitschers met de burgers, als voorbeeld: er kwam eene compagnie 300 man bij een op het Seminarie, en de studenten alles met een drie kleeurig lintje, riep Hae, Ha, want die stonden ook in gelid met een Belgisch vaandel. Daar defileerde de Duitschers neven allen met het geweer om laag, ieder die de Belgisch drij kleur voor bij ging zette iedere soldaat zijn kepi af en groeten het vandel.  Toen veranderde de stemming en het was Bravo, leve het Duitsche volk, Leve de vrede.

Met volle muziek zijn ’s nachts uit Hoogstraeten vertrokken.

Alle de soldaten die in Hoogstraeten lagen waren socialen, en deden niets last, en leefde onder geen Keizers of Leutenant weg met alle de bazen allen broeders en naar de Heimat.

Wij in Meerle hadden tot laatst van het oude regie. Ijzeren tucht voor hen maar ook voor de bevolking.

20 uren voor hun vertrek namen ze nog passen af van 12 jongelingen te Meersel, en 4 uren voor hun vertrek gingen ze noch de patroulie in de Kerkstraat en schoten nog vele schoten af. De huizen van hunne vrienden waren juist een halve uur te voren gesloopt dus hebben ze het nog gezien. Dat weten ze nu nog.

Ik verneem nog uit Hoogstraeten, dat men bij de bestorming een man aangehouden hadt op aanduiding van notaris Gilles en secretaris Van Hoek. De camaraden van den aangehouden, pakte Gilles en Van Hoek bij de keel en los onze cameraad of U zijt een man des dood. Maak en laat hem was het antwoord. Verstralen maakte als toeschouwer eene kleine opmerking. Scheid er maar uit, genoeg genoeg. Waar woont hij vroegen de belhamel, en men wees het huis, hij hadt eene porselein winkel, maar alles sloeg men stuk. Ze waren ontembaar en gaan voor niets terug.

In Westmalle is eene Melkerij geheel afgebroken. In Weelde spreekt men van 25 wooningen. Bij de inhuldiging van den koning in Gent, rande met de menschen aan omgang hadden met de Duitschers, hunne meubelen en hoof wierd verbrand voor de deur, en waar de meisjes bevried geweest waren met de Duitschers sneed men de haren af, ontkleede ze en leide men zoo naar het water door de stad. Woeste tooneelen maar naar 4 jaar oorlog zijn de zeden ruw geworden. In Loenhout was er al een belgische soldaat in verlof voor een dag, en vandaag zijn er al in Hoogstraten en Meer.

Zaterdag 16 november 1918

Hard gevrozen, koud.

Wij zitten vandaag ons onderzoek voort, bij A. Vermonden heeft men een stoof tortue stuk geslagen, ook het laken van den biljard afgescheurd, bij Mertens Jespers de voorste ruiten geheel ingeslagen, ook een deel ruiten bij Cees Jespers. Ik ben mede naar Dreef en Meersel geweest, om de schade op te nemen, maar dat moet men zien om te kunnen oordelen.

Sus Van Gils,  sloeg al op de vlucht eer ze begonnen en de daders haalde nog 4 vlaggen van de huizen bij halve smokkelaars, Broekmans, Piet. De Meester, Henri Theuns, A. Van Gils, Louis, die moeten er later aan denk ik.

In Hoogstraten is vandaag het huis Jagenau bijna afgebroken, en vele andere zwaar beschadigd. Bij Jagenaeu zijn alle antieke schilderijen porselein enz. verwoest alle ruiten er uit. De deur met eene bijl open gekapt Bij de ouden secretaris de ruiten ook stuk, het zelfde bij Doctor Strijckens, in Transvaal, bij [?] St. Georges bij Verstraalen en bij meer anderen.

Vrijdag 15 november 1918

Schoon koud weder.

Gisteren kwamen onze meisjes aan. Overal is er kermis gekomen, en ook zijn onze inwooners uit gevlogen. Er wat nieuws. Bij Jaan Vermonden zijn deze nacht alle de ruiten ramen slagvensters toogen buffet pinten kassen en geleiwerk stuk geslagen, en dan goed nieuws. Deze nacht zijn om twee uren Lt. Schmiele met twee karren P. Mertens, C. Peemen met de geweren omlaag stil aan naar Hoogstraten getrokken naar de Heimat. Wat geluk van de dwingelanden verlost te zijn. Vreugde was er overal. Ik ging vroeg zien, wij riepen de kasteel heren gasten bij een, en ieder kreeg zijn goed terug, er waren daar 3 wagens, en dan bleef er veel voor ons. Santvliet kasteel was goed zuiver en onder houden. Ik kreeg van hem nog eene kaart. Dat hij mij dankte voor de hulp hem drij jaren bewezen, en hij wenschte mij nog vele gelukkig dagen. Ik wil geen prijs van hem, ik eerde hem voor Meerle volk en dat was alles.

Donderdag 14 november 1918

Schoon weder.

Er hingen al wolken in de lucht van het vertrekken der Duitschers, en nu is het van gekomen dezen namiddag maakte wij inventaris, van de gebruikte meubelen aan wie ze behoorden, en ze zouden vertrekken morgen of overmorgen.

Deze nacht zijn de ruiten ingeslagen bij Jos Jespers te Heerle. Ik ben gaan zien. Gisteren avond zijn er 30 à 40 belhamers van Meir gekomen, maar er is maar steenen geregend en wat ruiten ingesmeten bij Antoon Jespers, toen kwamen de militairen en de garde en ik en alles ging uit een. Genoeg van die zaken.

Maandag waren er 30 of meer militairen gekomen om de orde te doen heerschen, het waren allen met roode strekken op de borst, sociale democraten, maar ze luiterde niet naar Lt. Schmiele wat zegde ze er zijn geen luitenants meer, weg met de bazen. In Hoogstraten waar zij lagen kwamen ze alle dagen naar Meerle, wij moesten ze kost en licht en stook en loges geven, daar waren geen chef meer bij, streepen epauletten trok men af en de overste waren simpel soldaat. Wat wonder eerst een ijzere tucht waar de soldaat niets te zeggen hadt en nu de minste en nog te vreden voor hunne huid. Dat is een weldaad. Men schrijft dat de kroonprins ook in Holland is. Men vreest eene revolutie in Holland.

Waar zal het eindigen? Met de socialen.

Rond 5 uren zijn ze voor goed vertrokken.

+ extra passage tussen vrijdag 15/11 en zaterdag 16/11 over donderdag 14 november:

Maandag na het luiden en uitsteken der vlaggen waren er al wat ruiten uitgeworpen, en de smokkelaars waren bevreesd geworden en maakte zich gereed om te vertrekken.

Ad. Vermonden – Ant. Jespers, Gijsbrechts Graffen, Van Gils, Antoon, Jan en Cees, kwamen allen om verandering van woonplaats, naar Breda, Tilburg en Rotterdam, en den volgende dag trokken ze met tram met kinderen en huisraad het balingschap in.

Woensdag wierp men de ruiten in bij A. Tout bij Mert. Jespers en op twee plaatsen bij A. Jespers. donderdag werden er overal zoo wat gedaan, maar donderdag avond is het meeste gebeurt bij A. Vermonden kassen, toog, enz. was kapot maar nu vrijdag avond heeft men weer over begonnen in Meerle, biljard wilden ze te buiten dragen en de restant wat er nog was kapot slaan. Op de Dreef heeft men bij Sus Van Gils alles kort en klein geslagen, allen de ruiten en ramen, alle kassen, stoven, geleiswerk, 3 horlogen gestolen, ook nog gevluchte meubelen van Brouwer Munichk te Bracht, maar het felste bij Jan Martens daar zijn alle meubelen, kassen, kisten, alle kleederen, kapot gesneden, pluime bedden uitgeschud, afroomers om geworpen, en beschadigd, stand en was niets gespaard. Jan Martens was naar Meerle geweest bij mij en toen hield Ferd. Kleiren de wacht maar toen de stormers langs de kamerdeuren binnen kwamen en de kassen omstieten, vluchte de vrouw en dochter in den stal en Ferdinand kreeg slagen met ijzeren voorwerpen drij gaten in zijn hoofd en zijn schouder blad gebroken. Zoo sukkelde hij naar huis, en den dochter naaide vandaag de wonden dicht en zette de schouder in een.

Toen de 10 à 12 man sterke bende, in huis gedaan hadt begonnen ze aan de schuur, rukten de deuren af, sloegen den trijzelmolen stuk, ook de kar, kruiwagen, sneden het paarden getuig kapot, vernielden een verkenskot, beerpoomp, en vele pannen van het huis. Jan Martens kwam de politie Vlaminckx roepen die mede aftrok en in den nacht nog vijf bandieten van hun bed haalde en ondervroeg, kloek gehandeld.

Woensdag 13 november 1918

Goed weder.

De Engelsche hebben nu Mons bezet daar leden ze hunne eerste neerlaag in 1914. Gent is door de Belgen bezet en toen de wapens neergelegd. De Britten hadden Ath bereikt, Rocroi lag in hunne linien. De Italianen liepen tot Charleville en dan naar de Maas, waar men bij Dochery reeds was overschreden en zoo na Stenay Juvigny en Danville, en daar was de linie niet veranderd. In Holland, verwachte men groote vreugde maar men was maar onverschillig.

In Duitschland is de Revolutie geheel uitgeheid. Clemenceau, zegt in de Kamer, Duitschland is geheel uitgeput, maar wij voeren een oorlog voor de Menschheid, daar om zullen wij Duitschland steunen (voedsel geven).

De laatste onderhandelingen over wapenstilstand hadden plaats te Bethondes een halve uur van zuid oosten van Le Franc Port, in den salon wagon van Maarschalk Foch. Het Kasteel hoort toe aan de Markies de Laigue, en is genoemd Le Chateau des Bonhommes. De Cuitsche Beldorfs koerrier hadt moeilijkheden gehad, ook een vliegenier bracht een gedelegeerde, over den straat weg op 1000 m met een D. en twee witte wimpels.

Zondag danste de Duitschers op de markt te Selsaate maar toch maakte men ze al dansende krijggevangen. Belgisch leger doet zijn intrede op zondag te Brussel en te Antwerpen.

De vredevoorwaarden zijn gelijktijdig en geestdriftig openbaar gemaakt te Parijs en te Londen.

Dinsdag 12 november 1918

Redelijk goed weder.

Van den oorlog veel nieuws. De revolutie breidt zich nog uit. De koning van Saksen is afgezet. In Berlin zijn straatgevechten tusschen de officieren rond het paleis en de revolutionairen. In Baden is eene volkregeering ingesteld. Telegramme. Parijs 11 november. Deze morgen is de wapenstilstand om 6 uren geteekend en dat hij om 11 uren zoude ingaan. Om 10 uren 20 minuten kwam Foch en admiraal Rosslyn Wemyss die naar het ministerie reden Clemenceau en reden terstond naar de president. Bij het eerste kanonschot dat op het Elysée gelost werd beginnen de klokken te luiden overal was er gevlagd en Parijs kreeg een feestelijk aanzien. Clémenceau moest op het balkon komen, maar was zoo aangedaan dat hij niets kon zeggen dan, Viva la France, dat de menigte herhaalde. In Londen was het eene reusachtige uitbarsting van vreugde, overal volk, men wist niet dat rijtuigen en cabs zooveel volken konden vervoeren. Men blies in instrument, sloeg op ketels in trommen, zong, getruckte ratels, slingerde vlaggen, alles was in beweging, kinderen meisjes en dan veel ouden. Op trafalgar Square was onbeschrijfelijk en onvergetelijk. Overal Belgische en Engelsche vlaggen en de der bondgenooten. Vreugde overal. Er zijn nog wijzigingen in den wapenstilstand, er moeten afgeleverd worden aan de Entente 5000 locomotieven, 150 duizend wagens en 5000 vrachtauto’s in goeden staat en voorzien van de noodige wisselstukken en bijbehoortens. Duitschland laat in de Belgische havens alle gerieven, booten en all inrichtingen. Keizer Karel blijft maar niemand wil hem aanraden weg te gaan.

De keizer Wilm.

Zondag 10 november omstreeks 6 uur meldde zich bij de Nederlandsche wacht aan het Wite huis bij Eysden een reisgezelschap aan van 9 autos. De Hollandsche schildwacht had om gewapende persoonen toe te laten weigerde doorgang toe te laten overigens is het douanenkantoor eerst om 7 uur open, een man trad naar voren en meld zich Wilm van Hohenzollern Duitsche Keizer. De ex keizer moest wachten en ziet er goed gezind uit, vraagt aan boeren of het veel gemazen heeft enzovoort. Om 8 uur de douane visite en de keizer wandeld met zijn gezelschap naar de statie van eynden en praat maar vrolijk niemand herkend hem daar. De herbergierster tegens over de statie zegt aan haren man het is de Duitsche Keizer zie maar naar zijn linkschen arm (hij heeft een stijven arm, de baas mompelt in zich zelfs, wat die vrouwen zich toch kunnen inbeelde en het was de Keizer. Men herkent hem, men roept nach paris enzovoort maar de groote heeren buigen en groeten wel maar alles is al in den volmaakt verleden tijd. Men verwacht hem te Maastricht de onverwachte gast de burgemeester wacht hem af in de statie. De Keizer is te Ameringen aangekomen met drij generaals en adjudanten. De Keizer gaat logeren in het kasteel te Ameringen, zijn gevolg in de hotels Lievendaal en orange. Hij kwam aan om3 ¼ uur, men verwacht de keizerin en de kroonprins, maar er was niemand verschenen. De Keizerlijke kroon op de rijtuigen was met slijk onkennelijk gemaakt. De 33 jarige Keizertijd is vervlogen en hij is ook geinterneerd als de minste soldaat. Hij is diep gevallen, de grootheid.

Rond de middag kwam een bode om naar het pasambt te komen met C. van Gestel en burgemeester van Aelst met twee leden van den Raad. Zie hier van de rede of oorzaak. In Meer waren verschillende huizen verwoest. Bij Jansens de Laat (Kaperen) Bylen, C. Mertens, Swagers, Brand, Van Looveren, enzovoort enzovoort. Nu was de schade groot 50 à 70 duizend franken. In Meerle 200 frank af omtrent. Leutenant Schmiele wilde die somme betaald zien gisteren voor 10 uren, dat was in Meerle gebeurd, ik had geschat en afgedongen en akkoord gekregen. Dus in regel maar in meer konden of wilden ze niet betalen, gebrek aan geld. Schmiele beweerde dat ze moesten betalen (dat is zoo voor samen zittingen met meer dan 3 persoonen). Ik bevind dat ook zoo. Nu er was 52 duizend franken gekomen om de aardappelen te betalen, en dat nam leutenant Schmiele in beslag en ook burgemeester Goetschalkx en Brosens en hij riep twee soldaten die ze moesten bewaren en hij hield den tram staan om naar Duitschland te zenden en dan zond hij het geld terug, dierf het niet houden was bang van zijne soldaten, maar dat was gevaarlijk voor ons geld en gaat het maar zoeken, in Hoogstraeten was er 4000 franken gestolen. Na wat dralen teekende de mannen en wij namen de 52 000 frank mede naar huis. Burgemeester: moet ik mede dan weenen mijne kinderen zich dood, hij tekende. Leutenant Schmiele verweet de barbaarsheid van Meer, de zoon van burgemeester en secretaris waren erbij verweet hij (sic).

Maandag 11 november 1918

Een mistige donken dag, fijne regen.

Wij zijn in benarde toestand en verwachten na den uitslag van de commisie onderhandelingen over wapenstilstand daar om 11 uren Franschen de beslising moest genomen. Overgeven op genade en de gekende ontruimingen van België. Ik was op Mariefelt na hout aan zoeken, toen ik juist aan de grenspaal Meir M4 Meerle stond met een persoon uit Meir, zal wat 3 uren toen hoorde wij te Meir luiden dat duurde zeker een uur toen kwam ik in bedenking het zal vrede zijn. Ik ging naar huis. Ik bemerkte al vlaggen uithangen, men was al komen vragen om te luiden maar ik was weg juist toen ik aankwam begon er al veel beweging te komen en men begon te luiden, meest meisjes. Het volk werd meer woelig men zong en danste en toen het donker was begon men rumoer te maken, ruzie in de herberg van A. Tout. met krabde het gezicht kapot van den helper Thijs van Dael, Cox Frans, Mertens Jules. Men sloeg lamp geblazen borrels stuk en stool (Jan Peemen) eene flesch genever en roofde de sigaar, daarna werd de waeiers uitgeworpen met kasseien, kalsteenen stukken ijzer dat duurde zoo to 8 uren. De politie garde en ik, wij probeerde om de menschen naar huis te krijgen, sloten herbergen en stilaan vermidnerde alles. Het was juist een zingen en over de straat gaan als met de Kerstmis.  Zoo beschadigde men het woonhuis van Tom Jespers aan den tram en zijn nieuw huis in de Kerkstraat ook in het huis van Merten Jespers bewoond door Gijsbrechts (smokkelman) dit alles rond 6 à 6,5 uur oude tijd. Wij waren Jan Geerts verjaardag wenschen, en zaten aan een glas wijn toen Adde ons kwam roepen dat er bij A. Tout 4 soldaten in den stal zaten met geweren en dat geschoten hadden, dat er eene bevel hadt gegeven na eerst op onze deur gedompt te hebben tot dat men open deed, dat de Burgemeister onmiddellijk 24 man burgerwacht moest bijeen roepen en op marsch zetten. Ik en mama kwamen als  onze hof te huis en toen kwam onderofficier Muller (horlogiepinniken) met een brief van de Leutenant Schmiele, dat er een extra trein zoude komen met militaire 40 man, dat er slapen, eten en licht moest zijn, bijeen af wel bij de burgers. Eenige minuten later kwam de Leutenant Schmiele bij ons en bejammerde den toestand, dat hij de 40 man bestemde tot bescherming der smokkelaars, hier bleven, dat hij bevool de vlaggen in te trekken zoolang er een soldaat hier was, dat men niet meer den donkere mogt en af huis komen dat de schade ’s anderdaags moest betaalds zijn voor 9 uren en op de Dreef voormiddag. Hij verklaarde mij dat de Fransche revolutionairen de voorwaarden niet aanveerde, dat Foch zijne demisie hadt gegeven. Dat in Frankrijk en Engeland in Holland overal soldatenraden waren en dat de soldaten die nu hier aankomen ook alle social soldaten zijn die de roode concarde dragen en ongehoorzaam aan bevelen. De vrouw en dochter van Jan Martens kwamen om 7 uren klagen dat men bij hem te Meersel veel meubelen, vensters, beelde, hadt komen kapot slagen en kwamen om bescherming. De trein reed door Meersel Dreef om daar ook te helpen, zoo geraakte alles stil. Black hadt mij geholpen om te straat leeg te maken, alles kwam en rust. Wij gingen gerust slapen.

Zondag 10 november 1918

Schoon weder.

Gisteren melden de gedelegeerden dat ze van Foch de voorwaarden voor een wapenstilstand ontvangen. De onmiddellijke staking der vijandelijkheden was door Foch verworpen. Berlin 9 novemeber 1918. Télégramme. De Duitsche keizer afgetreden. Ebeert (socialist) rijkskanselier verkiezingen voor eene Duitsche constituante. De Hertog van Brunswijk treed af. In Duitschland staat alles bijna stil. Allen sluiten aan de soldaten en brugerraden. Er is bijna geen verkeer meer met ijzeren wegen, telegraaf en telefoon. De politie is ontwapend. De soldaten en burgers doen politiedienst, bewaken de banken, deze nacht kwamen er treinen met Hollandsche arbeiders men schat 15 treinen met 20 duizend man uit de munitiefabrieken van Krupp. Ik kan niet alles schrijven, de gazetten staan vol. N.R.C.