Dinsdag 9 oktober 1917

Slecht weder, weinig nieuws.
De Engelschen dringen de Duitschers terug. De Engelschen zien Brugge al liggen. Het moet er een verwoed gevecht zijn, geen gedachten er van te maken. Wij hooren hier goed het geschut.
De vechtersbazen moeten vandaag op het Pasambt komen.
Van Meir tusschen zondag en maandag zijn er 38 stuk vee te Meersel aangekomen. Ze hebben quarantaine stallen al in beslag genomen, dus zitten er in al twee ploegen smokkelaars, worstenmakers en verkooplieden. Verkoop van paardvleesch Jos Pemen op de vrijbank te Meerle.
Er zijn zondag of zaterdag 2 schone paarden binnen gesmokkeld van mannen Simms van Breda, twee jonge snuiters met moustache, die waren verkleed als major en ordonnance en zoo kwamen men ze op de Paal, gesalueerd van de heeren hollands commiezen en soldaten. Aan paal 215 begonnen, volgden ze zoo de grenzen, tot aan Paal Dreef. Alls goed gegaan, voor hun.
Tusschen zaterdag en zondag, nachts was er een paard gestolen bij Peeters Maeykant Ulikoten, waren er mede in Meerle geweest bij A Tout, toen naar Sus van Gils, die hielp het verkoopen aan de geleider der gesmokkelde paarden die nog bij Hofkens stonden, die kocht het voor 1000 mark, die hem Sus van Gils (het is Cees de zoon gemeend) leende. Maar smiddag kreeg ik al tijding, om van den Ulikootschen boer en Duitschers om te helpen zoeken, het was gauw gevonden en terug genomen. Maar de schelmen waren met de 1000 mark weg. Maar ik denk het al commedie (aan die bende, zoo noemt ze Schmiele) aan mij kan niemand uit. Er is veel geloopen geweest maar de hal moeten aan de grens blijven. De gelijder was een Arnoldus Strook van Esschen, de schelmen kende niemand natuurlijk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *